9/11-12/11: Beautiful Baikal
Voet aan de grond in Siberie!
Na het nachtje van twee uur lang op de trein, met dank voornamelijk aan die ronkende rus, was het opstaan, pakken en van de trein geraken in Irkutsk een betrekkelijk zware opgave. Sjans voor mij hadden Nicole en Bernd plannen die gelijkliepen aan die van mij, wat de benodigde hersenactiviteit een stuk minder maakte. Bijkomende stressfactor was natuurlijk de verwachting van bitterbijtende kou eens we ons aan de oververhitting van de trein hadden onttrokken…
Zoals ik in een vroeger on-the-spotje al vermellde echter, kon de bitterheid van die kou nog in geen honderd jaar tippen aan die van de koffie die ik pleeg te zetten. Zo’n 5 graden boven nul toen we aankwamen, en geen scheet wind, wat de chill-factor ook ineens elimineerde. Een ongeluk bij een geluk echter, want ik had de kans schoon gezien om eindelijk eens die wintervest die ik overal meezeul aan te trekken ipv op m’n rug te moeten torsen. Resultaat: oververhitting vaneigens…
Nuja, nie getreurd natuurlijk, beter zo dan dat je flikker, euh, je neus eraf vriest zodra je drie voeten buiten de trein zet. Met drieen in een taxi naar het busstation (150R voor 3km, qua rip-off ratio vinnek da nogal meevallen), om daar te zien dat de bus van 14h30 ons voor 59R pp naar het idyllisch klinkende Listvianka (een dorpje @ Baikal) zou brengen. Vlotjes.
Genoeg tijd voor een ontbijtje dachten we, maar toen we voor 80R een paar pannekoeken en een tas koffie dachten te krijgen, was dat een redelijke misse: zonder het echt te beseffen hadden we blijkbaar een KOMPLEX-menu besteld, simpel gezegd een slaatje, soep, hoofdpla, thee, en dan pannekoeken als dessert. Voortreffelijk, en een verademing voor m’n dagbudget na de diepe gaten die Moskou had geslagen…
Home Alone!
Een ding kan ik je alleszins vertellen over Siberie in November: het is laagseizoen. Tien minuten surfen had me bij Hotel Priboi gebracht, waar ik voor 200R(!) een dormitory bed kon huren… Weeral een misse: aangezien ik de enige gast in het hele kot was, huurde ik daarvoor een vierpersoonskamer op den dijk, en hoefde voor EEn keer nie op m’n twee oren tegelijk te slapen vanwege snurkbeesten. Hiphoi
(Overigens, wat moet dat dan zijn in januari/februari, als het rond de -40 graden is…?!)
Tussendoor: Ik bedenk ineens, heb ik al de wisselkoers van de roebel vermeld…? Gelijkhoe: 28R voor ne dollar, en 35 voor nen Euro. Tis ma da ge een gedacht hebt he Bo)
Alleen zitten in een hotel heeft zo z’n speciale kantjes, ondermeer dat de hotelmadam me vroeg (je kent het al: met veel gebaarderij en een paar woordjes erdoor gemengd) om de volgende morgen de boel af te sluiten, omdat zij de hele voormiddag naar Irkutsk moest. Tis ne keer wat anders $->
We’re all living in America…
…da was toch zo ongeveer wat er door m’n hoofd ging toen ik die avond in een “kafe” aan de Baikal-oevers zat. In den beginne was het nog goed: een paar rustige russen die TV zaten te gapen, en verder niemand. Nadat m’n eten met smaak z’n weg naar m’n maag had gevonden (kaviaar smeert de slokdarm, blijkbaar), kwamen er echter vier jonge gasten en een maske binnen om een pintje te pakken…
Ik heb nix tegen Anerikanen, zolang hun aantal tot een strikt minimum beperkt blijft - Two is Company, Three is a Crowd, remember? Het verbaast me echter telkens weer hoe ze er in een mini-mum van tijd in slagen me op m’n paard te krijgen als ze in bende zijn. Twas nie raar vaneigens, het maske had die typische, vervelende neusklank in haar stem, en leek per se voor het hele restaurant te moeten kakelen. “Do you always talk that much?” had ik haar willen vragen. Zo luid mogelijk, zo snel mogelijk, net alsof ze bang is om niet meer mee te tellen als ze geen 100 woorden per minuut weet te produceren…
Om EEn of andere reden had ik aanvankelijk de indruk dat die vier gasten er ook niet zo mee opgezet waren, maar er jammergenoeg mee opgescheept zaten. Het leken me “environmental people”, waarschijnlijk omdat ik wist dat Greenpeace nogal rond Baikal actief is (hoogstnodig vrees ik, maar dat terzijde).Well, then again, dacht ik daarna, misschien denkt ze dat ze zich moet manifesteren tussen al die gasten, maar heeft ze niet door dat dat niet echt “nodig” is, dat ze zo ook wel op het gepaste verhoogje zal gezet worden.
Maar ff later… Ai. Schrap vorige paragraaf, ook de kerels hadden plots afgedaan. Het juffrouwke stak plots een verhaal af over een Duitser met wie ze een paar dagen had samengereis in Zuid-Korea, en met wie ze daarna samen naar het vliegveld geweest was. Hij (die Duitser) was nogal zwaar bepakt en moest nog EEn en ander regelen, en had daarom gevraagd om ff op z’n spullen te letten. En…? Wel, hij was een HALF UUR weggebleven… Nu denk je, ja, das wel lastig. Nenee, da was nie het probleem… Ze waren namelijk als de dood dat “maybe he was a bomber or anything?!” (die zagerige neusklank moet je er ff er ff bijdenken) Oh. My. God.
Had nog verwacht dat die vier gasten efkes meewarig zouden knikken en dan over iets anders beginnen. Maar nee, niets was minder waar: EEn van hen stak een al even paranoia verhaal af. Geen environmental people dus… Had zin om naar hen toe te gaan en te zeggen: Kijk, er zijn twee mogelijkheden: of, je overreageert compleet dus doe niet zo onnozel, zit je avond niet met non-stories te vullen; of, je hebt reden om zo paranoia te zijn en dan moet je dringend eens naar je Department of Offense bellen dat ze iets moeten doen aan dat buitenlands (oorlogs)beleid.
Kan het niet helpen, maar telkens weer moet ik terugdenken aan een spandoek in een demonstratie vlak na 11 september: American People, THINK why you are hated all over the world! Dringend, alst ff kan.
BTW: ik besef plots dat ik nog altijd zoveel Engelse tussenwoordjes gebruik. Vreemd eigenlijk, want die hele week met Bernd en Nicole heb ik enkel Duits gesproken. Nuja, er zijn ook nog Britten en Ieren en zo, gelukkig.
Baikal Sunrise
In EEn woord: onbeschrijfelijk. Ik zal er dan ook nie teveel woorden aan vuilmaken, zie foto’s later (ooit ne keer, of wie weet strax).
De ijzige kou (voor de eerste keer blij dat ik die fleece broek gekocht heb, en dat m’n bovenlijf in een laag of vijf textiel gewikkeld is) maakt het op zich al onvergetelijk. Verder zijn er de bergen aan de overkant (het meer is +- 400 op 30 km, in oppervlakte zo groot als Vlaanderen grof gerekend), de Baikal-branding,… Het mooiste waren echter, toen de zon net was opgekomen, de nevels die uit het water opstegen en soort onaards wolkendek over het water drapeerden.
EEn probleempje: Battery Low van m’n camera: gezien ik in het hotel een elektrisch stoofke en slechts EEn stopcontact ter beschikking had, was de keuze de avond tevoren tussen kou lijden en een lege batterij riskeren. Na enig geweifel toch maar voor de warmte gekozen, aangezien die batterij nog halfvol was. Ongelooflijk echter hoe snel zo’n batterij plat geraakt bij pakweg -15. Je kunt ze bijkans horen leeglopen. Nu, door het schermpke nie te gebruiken ist uiteindelijk allemaal goe gekomen, gelukkig.
Baikal Schifahren
Wel, bijna toch. Tegen de middag zag ik plots Brad en Derek terug, een Australier en Schot van op de trein. Samen iets gegeten (magertjes, want zonder kaviaar
), en dan op weg naar een look-out point zo’n vijf kilometer verder. Look-out point, dus daar zat een stevig klimmetje in, en groot was m’n verbazing toen m’n oor daar plots… een ski-lift rook!
Ok, skilift wil dus niet zeggen skipiste, want daarvoor was er nog zo’n 10cm extra sneeuw nodig. Maar de lift was open, en voor de fun, wegens tijdsgebrek (de andere twee moesten nog hun bus terug naar Irkutsk halen), en eigenlijk ook gewoon uit luiheid
toch maar ff de lift gepakt. Het uitzicht boven was formidabel, maar zoals met zovele panoramaviews onmogelijk om echt in foto’s te vatten. Come&see for yourself, zouk zeggen!
Baikal Beestjes
Aangezien ik dan toch zover was gelopen en geen bus te halen had, liep ik op de terugweg ff het Baikal Ecologisch Museum binnen - een paradijs voor bioloogjes en ander beestjesminnend volk, hoewel enige kennnis van de russische taal wel meegenomen is. De namen van al dat gedierte ken ik nie, maar eentje is blijkbaar wel speciaal: de Golomyanka, glazig doorzichtig van “kleur”, leeft in de dieptes en koude van het Baikal-meer (onder de 1500m, als ik me nie vergis), en bestaat voor 35% uit vet. Zo leerde mij het plakaatje ernaast - tis ma dagget weet.
Verder had ik nogal kompassie met de twee robben die daar zielig in hun veel te kleine aquariumpje lagen te zwalpen. Achteraf gehoord dat dat moeder en dochter is, en dat de zaak te verantwoorden is doordat men ze meer dood dan levend uit het water heeft opgevist, omdat de moeder gekwetst en de dochter pasgeboren was, of zoiets. Ze zullen het wel uitleggen, die Russen.
Baikal Bars
Terug in het hotel gekomen bleek m’n madam gezelschap te hebben gekregen te hebben van een vriendin, met wie ze in de vodka-met-hapjes was verzeild. Toen ze me uitnodigden om de club te joinen moest ik geen twee keer nadenken, vaneigens
Natasja en Nadia waren hun namen, zo bleek al snel, hoewel “Nadia” (de vriendin) een IMHO wat vergezochte afkorting was voor “Anastasia” - ma soit. Vree gezellig, moek zeggen, niet in het minst omwille van de verrukkelijke omul (DE baikal-vis), en een soortement “Baikal-sjokotofs” als hapjes. Omwille van het alomtegenwoordige taalprobleem werd er weder druk heen-en-weer gebaard en getekend, en kwam bij de “Family?”-vraag het mini-fotoboekje (mij bij vertrek door m’n zusjes ten geschenke gedragen) goed van pas. Vooral door de foto’s van Wolf, Winde en Joran waren ze uitermate vertederd - zoals het hoort, natuurlijk.
Tegen een uur of negen had ik met Nicole en Bernd had afgesproken, en aangezien mijn gastvrouwe al redelijk door de neus was wou ik het onderonsje met een dankbaar “Da Swiedanja!” (Tot Ziens) besluiten. Zo vlug gelijk tellen stond daar echter een njet van mijn madam tegenover: ze ging mee! Geen goei gedacht, ging er nog door m’n hoofd, zeker toen ik merkte dat ze na tien keer proberen haar jas nog nie toe kreeg en Nadia haar van de verlegenheid moest redden.
“Bedless” in Siberia…
Het onvermijdelijke was, zoals dat het geval pleegt te zijn, niet te vermijden… Hoewel ik mezelf had voorgenomen om m’n madam nie zonder mij te laten vertrekken (ze moest voor mij de deur opendoen, en de eerste twee uur slaap is de kans betrekkelijk klein dat je van iets wakker wordt, en deel dat nog eens door 100 als je in de zeupe gezeten hebt), was ze natuurlijk verdwenen toen ik van een sanitaire visite terugkwam… Ik hoorde de donder al boven Baikal aanrollen, maar toch nog ff met Nadia, Bernd en Nicole ons pintje geledigd, om dan naar m’n hotel terug te keren.
Bellen had geen effect - maar werkte die bel wel? Op de deur kloppen hielp evenmin. Harder kloppen ook niet. Door eraan te rammelen bleek dat ze niet al te stevig was, maar nog steeds: in de verste verte geen Natasja te bespeuren. Voor de keuze gesteld om buiten te slapen (euh… bij -15, juist) of die deur open te breken besloot ik dan maar de grove middelen in te zetten: met een droge snok was de deur een slot armer. Warmte, eindelijk!
Eenmaal bovengekomen was het zicht feitelijk hilarisch: de resten van het vodka-avondje lagen nog over de tafel verspreid, de TV speelde nog, en het mooiste van alles, m’n madam was in stralende bezopenheid in de zetel naar het Rijk van de Roes vertrokken, en lag met haar hoofd in een uiterst verfomfaaide houding die nekpijn de volgende dag garandeerde. Een deken had ze niet, maar ze had haar jas nog aan - vermoed dat ze de rits ook niet meer open kreeg. Kon het niet laten ff m’n camera te pakken en de gevoelige sensor z’n werk te laten doen…8-)
Running for Roubles
De volgende dag was er natuurlijk wat gezaag over dat slot, maar enkele in gebaren uitgedrukte vragen drukten Natasja rap in het schaamte-hoekje: “Goed geslapen, madammeke? Moest ik buiten slapen of zo…?”
Verder een bikke een off-day, behalve dat ik dringend m’n voorraad roebels moest aanvullen. Na enig rondgevraag bleek echter dat de enige plek waar dat in Listvianka mogelijk was het Intourist-hotel was. So? Wel, dat hotel was vlakbij het look-out point… Off I went.
En toen, onderweg, gebeurde er iets vreemds… Liep over de dijk langs de Baikal-oevers, en zag plots iemand achter me. Duidelijk gene local, want hij had zo’n soort apemuts, bikke in de trant van mijn balaclava, op z’n hoofd - enkel z’n bebrilde ogen waren bloot. Ik keek ff achterom, en hij keek naar mij. Even later merkte ik dat hij de straat overstak, en achter me aankwam. Vreemd. Ik hoorde hem dichterbij komen, was klaar om een eventuele aanval te pareren, en toenhij naast me was trok hij plots die muts van z’n hoofd en zei…
“Hallo, ik ben Jo en ik woon in Gent!” Allee, strikt genomen waren da ni z’n eerste woorden, ma soit. Ne Vlaming in Siberie! EEn uit “de Vlaanders” zelfs! Komtategen. Bleek dat Jo een (zoals hij het zelf noemde) Russofiel was, hij kon nie meer juust zeggen hoeveel ruslandreizen hij er al had opzitten. ten. Enfin, om een lang verhaal weer maar es wa korter te maken, hij liep ff mee tot aan Intourist want zijn homestay was er vlakbij, daar trakteerde hij me zelfs op een pintje, en het deed verdorie deugd nog es vlaams te kunnen klappen!
En verder…
…zijn er weer een hoop dingen die hier wegens plaats- en tijdsgebrek onvermeld zullen blijven… De morgen van de 12e november heb ik de bus terug naar Irkutsk genomen, maar da zal voor een volgend keer zijn.
Tags: Part I: Russia

November 26th, 2004 at 12:38 pm
Sjieke vertellementjes, free
En hoe zeer je wellicht je best doet om dit te camoufleren, die drank blijft toch serieus ne rooien draad doorheen de Russia historie 
Ik kan al nie wachten om de foto’s te zien!
November 28th, 2004 at 8:09 pm
Hmmja… no comment
Of toch:
“Den Drank is den Duvel
en den Duvel is den Drank…”
Of hoe ging da ook alweer?
BTW: drinken is een sociale aangelegenheid he, en als je met iemand een gemeenschappelijk vocabularium van 50 woorden hebt kan het al eens handig zijn als de tongen wat losser komen.
Ma kbeloof erop te letten…
Tisjuust trouwens, vandaag toevallig gehoord: de gemiddelde levensverwachting van Russische mannen is terug gedaald tot 55 jaar (!). Waarom…? Juist, drank.
Vergrijzing in Belgie? Een paar miljoentjes subsidies aan pakweg Smeets zijn DE oplossing - ze ligt verdorie te wachten in Stevaert z’n achtertuin… Moehah 8o)